BlogJob

Gives you a hell of a blogJob

0 notes

 

Underdogcity Den Helder wordt een uitdijend raadsel. Een stad die het sinds mensenheugenis met middelmatig tot slechte besturen heeft moeten doen. Een stad waar niets werkt en ieder goed bedoeld initiatief om het treurig imago op te vijzelen, strandt in onvruchtbaar blijkende projectvorming. Het –ook weer goed bedoelde- idee om Huisduinen om te dopen tot Den Helder aan zee is daar een recent voorbeeld van. Het is inmiddels de meest verguisde en snelst inwoners verliezende stad in de Kop van Noord-Holland.  Misschien ligt hier een aanknopingspunt. Ik bedoel,  onze Hollandse sympathie voor ‘de underdog’ is net zo diep geworteld als onze afkeer van ‘succesvolle zelfverzekerdheid’.

Daarom besloten wij gisteravond naar Den Helder te gaan. Wanneer je bewoner bent van de kop van Noord-Holland en je wilt een leuke uitgaansavond (bios, eten, drinken, dansen, theater) dan ga je naar Schagen, Alkmaar, Hoorn…. desnoods Amsterdam. Vraag het maar na in je omgeving, niemand gaat uit vrije wil zijn kostbare zaterdagavond consumeren in Den Helder.

„Wij gaan vanavond naar Den Helder.’’

„Hoe dat zo?’’

„Nou gewoon, leuk, even lekker eruit.’’

Verbijsterde gelaatsuitdrukkingen en een collectief: „In Den Helder?’’

Wij op weg. Schitterend, die geheel verlaten tweebaans N249 in het avondlicht die naadloos overgaat in de eveneens desolate N99. Wij zoeven vervolgens in oorverdovende eenzaamheid over de N250 waar de kerstboomachtige verlichting van ‘een klein soort Pernis’ een feestelijke welkom biedt. Wegens werkzaamheden aan een brug, geraken wij, via een in licht verval verkerend centrum (letterlijk geen mens op straat), op Willemsoord, de voormalige rijkswerf.

 

Een parel. Prachtig gerenoveerd. Historische gebouwen met industrieel vorm gegeven accenten  aan het water. Ook hier is het uitgestorven. Binnen is er niemand in het casino, bijna niemand in de amusementshal, nauwelijks bezoek voor de bioscoop… en op de ijsbaan schaatsen drie jongens.

Iets eten in Dok 51. Brasserie op de begane grond. Restaurant boven. Tjeempie, dat ziet er allemaal goed uit. Wij hebben niet gereserveerd en toch krijgen wij een mooie plaats boven in het restaurant. Het meisje in de bediening stelt zich aan ons voor. Dat hebben wij –buiten Den Helder- nog nimmer medegemaakt.

Terwijl ze heel goede tarbot uitserveert, vertelt ze dat haar moeder uit Curaçao komt. Haar jeugd was niet altijd makkelijk waardoor ze moeite kreeg met leren op school. Daarom zit ze nu bij Dok 51 in een leertraject. Het is de stichting New Balance die ervoor ijvert om mensen die moeilijk aan het werk raken, een kans te geven. Over twee maanden moet ze examen doen.

„Goh, je merkt helemaal niet dat je een leerling bent’’, zegt mijn disgenote. Onze jonge serveerster lacht trots een schitterend gebit bloot.

Een bandje speelt iets van Barry Manilow. De Brasserie beneden, zo stellen wij opgelucht vast, druppelt langzaam maar gestaag voller.  

„Underdogcity verdient toch een wat hartelijker applaus’’, merkt mijn tafelgenote op terwijl ze van haar fijne wijn nipt.

We zeggen dag tegen onze leerlinge en melden dat we zeker terugkomen. Ze zwaait ons uit terwijl ze fluistert: „Mijn begeleidster vroeg of het allemaal goed ging bij jullie aan tafel. En ik heb haar gezegd’’…(vriendelijk vileine grijns)…„Ja hoor, het zijn heel aardige mensen… en ze komen niet eens uit Den Helder.’’